ja_mageia

  • Narrow screen resolution
  • Wide screen resolution
  • Increase font size
  • Decrease font size
  • Default font size
Home
RNVC PDF Afdrukken E-mailadres

RNVC staat voor Registerberoepsvereniging Nederlandse Vereniging voor Case- en Caremanagers. Bij de RNVC zijn case- en caremanagers aangesloten die een casemanagementopleiding op Post Bachelor niveau of de opleiding Regio op verzuim hebben afgerond. De vereniging beheert het beroepsregister en bewaakt of de leden voldoen aan de eisen die worden gesteld aan het gebruik van de titel Rccm (Register case- en caremanager) of Crov (Casemanager regio op verzuim). Bij de RNVC bestaat ook de mogelijkheid om als student lid of belangstellend lid ingeschreven te staan, voor mensen die studeren of hebben gestudeerd binnen het vakgebied op tenminste HBO niveau.

Statement Positie

Samenwerken is ook samen positie kiezen

Historie

In 2002 werd de Wet Verbetering Poortwachter (WVP) van kracht. De WVP had als doel het verminderen van de instroom in de WAO (later WIA) door het beter sturing geven aan verzuim en inzetbaar houden van werknemers.

De Wet Verbetering Poortwachter was een van de stappen in het vernieuwen van de Sociale Zekerheid naar aan leiding van de SER-rapportage van 1993 waarin werd aangegeven dat de Sociale Zekerheid onbetaalbaar zou zijn in 2020, met een verhouding tussen werkenden en uitkeringsgerechtigden van 1 op 1.

De Wet Verbetering Poortwachter regelt de procesgang in de eerste 2 ziektejaren tot aan de WIA. Hierdoor zijn beide wetten letterlijk onlosmakelijk met elkaar verbonden.

In de Wet Verbetering Poortwachter wordt voor het eerst het begrip casemanager geïntroduceerd. De casemanager wordt door werkgever en werknemer aangesteld om de procesgang te begeleiden. De regeling procesgang eerste en tweede jaar is sturend.

In 2005 werd de Arbowet verder geliberaliseerd. Werkgevers waren niet meer verplicht aangesloten bij een gecertificeerde arbodienst maar konden, binnen de maatwerkregeling, gebruik maken van geregistreerde Bedrijfsartsen.

Actualiteit

De invoering van de Wet Verbetering Poortwachter, de WIA en de liberalisering van de Arbowet hebben een enorme omslag veroorzaakt in het denken over arbeids(on)geschiktheid. Werken loont voor werknemers en werkgevers en dient voorop te staan. De focus ligt op wat de werknemer nog wél kan.

De instroom in de WAO/WIA is enorm afgenomen van >100.000  naar 38.000 en het ziekteverzuimpercentage is gedaald van 7% naar 4,5%. In de WIA-evaluatie van april 2011  is terecht geconcludeerd dat de in gezette koers succesvol is. Om die reden wordt deze denkwijze nu verder doorgevoerd in de Wet Werken Naar Vermogen en andere vernieuwingen van de Sociale Zekerheid. De Sociale Zekerheid wordt steeds meer een vangnet voor werknemers die niet kunnen deelnemen aan het reguliere arbeidsproces.

De Staatssecretaris heeft recent in reactie op het Astri rapport aangegeven te willen blijven sturen op bevorderen van de werkhervatting binnen het staande werkgeversmodel. Dat is een belangrijke bevestiging van een goede uitgangspositie. De werkgever staat primair, is verantwoordelijk en financieel aansprakelijk voor de eigen kosten voortkomend uit verzuim en arbeidsongeschiktheid. De werkgever kiest hoe het proces van regievoering rond verzuim en arbeidsongeschiktheid wordt ingevuld. De werkgever is daarmede opdrachtgever voor alle partijen welke de werkgever ondersteuning kunnen leveren binnen die eigen werkgeversrol gericht op procesvoering rond verzuim en arbeidsongeschiktheid. Het is ook  de werkgever die invulling geeft aan goed werkgeverschap om daarmede zijn positie naar zijn werknemer te bestendigen en rekening te houden met het belang van die werknemer.

Positie van de casemanager en RNVC

In de Wet Verbetering Poortwachter en het beoordelingskader van 2006 wordt de casemanager benoemd als procesbegeleider. De procesbegeleider voert de regie over alle afzonderlijke activiteiten, van alle professionals, actief binnen een verzuimdossier of een arbeidsongeschiktheidsdossier( WIA).  De regeling procesgang geeft  genoeg wettelijke kaders aan om de werkgever te doen besluiten om de procesgang rond verzuim en arbeids(on)geschiktheid juist samen met een casemanager invulling te gaan geven.

In 2002 is de eerste opleiding ontstaan om casemanagement te professionaliseren. De Post-HBO-opleiding voor Register case- en caremanagement aan de Hogeschool Arnhem Nijmegen. Deze opleiding resulteerde in de oprichting van de RNVC, de beroepsvereniging voor registercasemanagers (Rccm). Doel van de RNVC is het borgen en controleren van de onafhankelijkheid en het kwaliteitsniveau van de registercasemanager. Inmiddels is er ook een register op Hbo-niveau, de Crov (Casemanager regie op verzuim).

De rol van de Registercasemanager (Rccm) en de Casemanager regie op verzuim (Crov) is enerzijds die van onafhankelijke procesbegeleider. De Crov richt zich op dossierniveau, de Rccm richt zich daarnaast tevens op het organisatieniveau. De binnen het RNVC register ingeschreven casemanagers kennen als toegevoegde waarde dat  zij als geen ander in staat zijn om een werkgever  te adviseren over de wijze waarop die werkgever zijn financiële risico’s voortkomend uit de sociale zekerheid beheersbaar kan maken. De  belangrijkste praktische overweging voor een werkgever om gebruik te maken van de Rccm en/of de Crov is dus anderzijds dat deze experts zijn in het verminderen van de schadelast voortkomend uit  kosten van verzuim of (onverwachte) kosten van arbeidsongeschiktheid (WAO en WIA).

Samenwerking  in het speelveld

In het afgelopen jaar heeft de discussie weer opgang gevonden over de domeinen van samenwerkers binnen het speelveld van verzuim en arbeidsongeschiktheid. De RNVC heeft zich binnen deze discussie richtinggevend opgesteld en zal dat blijven doen. Onze aansturing daarvoor is gelegen in de vaststelling dat het niet om de domeindiscussie op zich gaat, maar om de mate waarbinnen de verschillende professionals, actief binnen de markt van verzuim en arbeids(on)geschiktheid, nog beter kunnen samenwerken om onze gezamenlijke klanten en opdrachtgevers (en dat zijn echt de werkgevers!) tevreden te kunnen stellen.

De RNVC wil vanuit dat andere uitgangspunt – samenwerking – de discussie voeren en heeft daarvoor ook alle verschillende activiteiten ondernomen gericht op Bedrijfsartsen (NVAB), Arbeidsdeskundigen (NVAA) en de Bedrijfsverpleegkundigen (BAV).  De inzet vanuit de RNVC is dan erkenning van elkaars domein en professionaliteit. De vraag die we stellen is echter wel aldoor hetzelfde, namelijk: "Hoe kunnen we het samen beter".

 

 
2/10/2012: Eerste Kamer akkoord met modernisering Ziektewet PDF Afdrukken E-mailadres
Geschreven door Bestuur   
woensdag 06 februari 2013 14:30
Op 2 oktober 2012 heeft de Eerste Kamer ingestemd met de modernisering van de Ziektewet. Momenteel komen er onevenwichtig veel werknemers met een tijdelijk dienstverband in de WIA en Ziektewet. Dat wil dit kabinet veranderen. Werkgevers en UWV moeten zich meer inspannen om zieke werknemers met een tijdelijk contract te re-integreren.

Zo wordt voor werkgevers de premie die zij moeten betalen afhankelijk van het aantal werknemers dat instroomt in de Ziektewet.
Ook de zieke werknemers zelf worden meer gestimuleerd om snel weer te gaan werken. Voor uitzendkrachten en mensen met een tijdelijk dienstverband blijft de maximale duur van de ziektewetuitkering twee jaar. Flexwerkers krijgen de eerste drie maanden een uitkering van 70% van het laatstverdiende loon, deze periode van de loongerelateerde uitkering wordt verlengd op grond van het opgebouwde arbeidsverleden van de zieke flexwerker. Dit gaat op verzoek van de Eerste Kamer in per 1 januari 2014.
bron: www.rijksoverheid.nl
Laatst aangepast op woensdag 20 februari 2013 10:36
 
23/10/2012: Premievaststelling Sectorfondsen 2013 PDF Afdrukken E-mailadres
Geschreven door Bestuur   
woensdag 06 februari 2013 14:36

De nota premievaststelling sectorfondsen 2013 geeft weer hoe UWV de sectorpremies voor 2013 en de lastenplafonds voor de Sectorfondsen heeft berekend. Ook wordt ingegaan op de consequenties van de geadviseerde sectorpremies voor de totale vermogensontwikkeling van de Sectorfondsen.

Bijlage: Premievaststelling Sectorfondsen 2013
Bron: www.uwv.nl

Laatst aangepast op woensdag 20 februari 2013 09:45
 
10/12/2012: Tarief deskundigenoordeel UWV omhoog PDF Afdrukken E-mailadres
Geschreven door Bestuur   
woensdag 06 februari 2013 14:42

Het tarief voor het deskundigenoordeel van het UWV gaat met ingang van 1 januari aanstaande omhoog. Werknemers betalen vanaf die datum €100,- voor het oordeel en werkgevers € 400,-. Op dit moment betalen zowel werkgevers als werknemers ieder € 50,- voor een oordeel. Dat bedrag ligt ver onder de kostprijs.

Het deskundigenoordeel van het UWV kan worden ingeroepen wanneer het traject van een zieke re-integrerende werknemer dreigt vast te lopen vanwege een verschil van inzicht tussen de werknemer en de werkgever. Het oordeel van het UWV helpt bij de oplossing van dit meningsverschil.
Met deze tariefsverhoging wordt het deskundigenoordeel meer kostendekkend.

Minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de Tweede Kamer schriftelijk geïnformeerd over de tariefsverhoging.

Bijlage: Kamerbrief Deskundigenoordeel
bron: www.rijksoverheid.nl
Laatst aangepast op woensdag 20 februari 2013 09:50
 
19/12/2012: Sociale Verzekeringen per 1 januari 2013 PDF Afdrukken E-mailadres
Geschreven door Bestuur   
woensdag 06 februari 2013 14:52

Uitkeringen als de AOW, ANW, WW, WIA, WAO en Wajong worden vanaf 1 januari 2013 aangepast. De aanpassingen worden doorgevoerd omdat de uitkeringen zijn gekoppeld aan het wettelijk minimumloon. Het minimumloon stijgt van 1456,20 euro naar 1469,40 euro bruto per maand. Daarnaast hebben wijzigingen in belastingtarieven en heffingskortingen effect op de uitkeringen.

De cumulatie van fiscale maatregelen heeft gevolgen voor de uitkeringen die zijn gekoppeld aan het netto minimumloon. De netto uitkering van AOW'ers zal tussen de 10 en de 20 euro per maand stijgen. Hoe hoog het bedrag is, hangt af van de persoonlijke situatie. De netto-uitkering van een alleenstaande AOW'er gaat bijvoorbeeld met 20 euro omhoog naar 997,02 euro per maand. Echtparen waarvan beide partners AOW-gerechtigd zijn, krijgen in totaal netto bijna 20 euro per maand erbij. Hun gezamenlijke netto-uitkering komt dan uit op 1362,82 euro per maand. Dat is exclusief vakantietoeslag.

De Mogelijke Koopkrachttegemoetkoming voor Oudere Belastingplichtigen (MKOB) wordt per 1 januari 2013 verlaagd van 33,65 euro naar 28,14 euro per maand. De verlaging van de MKOB is onderdeel van de Wet uniformering loonbegrip.

De ANW-uitkeringen zijn ook gekoppeld aan het netto minimumloon. Hoewel de bruto ANW-uitkeringen stijgen (met uitzondering van de halfwezenuitkering) dalen de netto ANW-uitkeringen. De netto ANW-uitkeringen dalen met 3 tot 10 euro per maand. De reden hiervoor is de stijging van het tarief van de eerste belastingschijf en de afbouw van de algemene heffingskorting.

De bruto WW, WIA en WAO uitkeringen worden verhoogd met 0,91%. De werkelijke stijging hangt af van persoonlijke omstandigheden. Zo is bijvoorbeeld van belang hoe hoog het inkomen was voordat iemand een uitkering kreeg. Voor de berekening van de uitkering geldt bovendien een maximum inkomen; verdient iemand meer dan telt het deel boven dat maximum niet mee bij het bepalen van de hoogte van de uitkering. Dit zogeheten maximumdagloon wordt per 1 januari 2013 vastgesteld op 194,85 euro bruto per dag en op jaarbasis 50.855,85 euro. Het maximum premieloon wordt per 1 januari 2013 vastgesteld op 50.853,00 euro. Per dag komt dit uit op 195,58 euro.

Alle bedragen en percentages per 1 januari 2013 staan in de bijlage via deze link.
bron: www.rijksoverheid.nl

Laatst aangepast op woensdag 20 februari 2013 12:33
 
<< Start < Vorige 1 2 3 Volgende > Einde >>

Pagina 1 van 3